Een buurtapp die leidt tot soepzondagen, stoepborrels en buren die aan één appje genoeg hebben? Ruth en Marijke zien hoe warm een straat kan worden wanneer je het klein houdt. ‘Denk niet in buurten of wijken, maar in straten,’ zegt Ruth. ‘Wie zijn je buren? Voor mij is dat dit stukje Eendrachtstraat.’
Hoe een zorgproject uitgroeide tot burenverbinding
Ruth Deddens, coördinator bij De Geluksacademie, werkte in 2013 aan een project rondom zorghuis Anna Heerkens met de vraag: hoe wordt de buurt betrokken bij de zorg? Het antwoord bleek: geen grote bijeenkomsten of ingewikkelde projecten, maar aandacht voor het gewoon buren zijn. Ze vertelt: ‘We kwamen uit op WhatsApp-groep waarin buren en medewerkers van het zorghuis elkaar makkelijk konden vinden.’
‘Iedereen heeft het tegenwoordig over samenredzaamheid.’ vertelt Ruth. ‘Maar zodra je zorg centraal zet, haken mensen af. Als je wat je positief met elkaar deelt centraal stelt, komt er ineens wel betrokkenheid. Buren zijn gaat over elkaar kennen. Elkaar af en toe zien en er zijn als het nodig is.’ Tijdens het project kwam Ruth in contact met Marijke Flapper, bewoner van de Oosterstraat en samen met haar buren onderdeel van de WhatsApp-groep met Anna Heerkens.
‘Het zorghuis voelde eerst best afgesloten,’ zegt Marijke. ‘Je komt daar niet zomaar binnen en gevoelsmatig is er afstand. Toen de medewerkers in de buurtapp kwamen, merkte ik meteen dat de drempel lager werd. Je weet elkaar te vinden.’ Een mooi voorbeeld is afgelopen Sint-Maarten: ‘De zorgmedewerkers zetten een berichtje in de groepsapp: ‘kom langs, dat vinden de bewoners superleuk’,’ vertelt Marijke. ‘Dan zie je een stroom kinderen door het gebouw gaan. Het is een klein gebaar, maar het maakt echt verschil voor de bewoners.’
Klein en herkenbaar
In de Eendrachtstraat is de WhatsApp-groep organisch ontstaan en klein gehouden. ‘Onze straatapp is echt alleen voor dit stukje Eendrachtstraat,’ legt Ruth uit. ‘Aan de andere kant van de straat wonen ook fijne mensen, maar dat voelt voor mij niet als mijn directe buren. Als je het klein en herkenbaar houdt, reageert iedereen makkelijker en ontstaat er echt contact. Mensen durven ook sneller iets te vragen. In een kleine groep voel je je verantwoordelijk voor elkaar, dat maakt dat het werkt.’ Ruth vertelt over dat er vroeger meer momenten waren om elkaar op straat tegen te komen: ‘Dat is tegenwoordig minder. Met een kleine straatapp bouw je dat opnieuw op, op ‘wij kennen elkaar’-niveau.’
Van ladder lenen naar soepzondag
Beide groepsapps begonnen heel praktisch met vragen als ‘kan ik een ladder lenen?’. ‘Soms krijg je reactie van iemand die ik nog nooit gesproken heb. Dan ga je langs, je maakt een praatje en ineens heb je contact met iemand die anders die je alleen van gezicht kent. Dat is hartstikke leuk!’ Al snel groeit de groep uit tot meer gezamenlijke activiteiten. ‘Op een gegeven moment vier je Oud en Nieuw samen, heb je soepzondagen, borrels, kinderspeelstraat en ga je samen straat vergroenen. Allemaal makkelijker door het contact via onze straatapp.’
Waarom een te grote buurtapp niet werkt
‘In een grote buurtapp gaat het vaak over problemen of klachten,’ zegt Marijke. ‘Een vermiste kat, schade aan een auto, iemand die zich ergert aan iets. Dat is ook nodig, maar ik miste het sociale heel erg. Het voelde anoniem en ik ben er uiteindelijk weer uitgegaan. Ik heb het liever dichtbij, dat je de mensen kent.’ De toon is ook belangrijk, vult Marijke aan: ‘Je moet niet gaan klagen in zo’n app, je kunt prima vragen: ‘er is iemand tegen mijn auto gereden, heeft iemand iets gezien?’ Maar als je zegt: ‘wie heeft dit nou weer gedaan?!’, dan merk je meteen dat iedereen zich aangesproken voelt. De manier waarop je communiceert maakt echt uit.’
Advies voor andere straten
Wat de dames aan andere straten willen meegeven? ‘Gewoon doen,’ zegt Ruth lachend. ‘Begin klein, bij de mensen die je kent. Als je het klein en herkenbaar houdt, krijgt het vanzelf energie.’ Marijke knikt: ‘Het hoeft niet ingewikkeld. En als er een maand niks in de app wordt gezegd, is dat prima.’ En misschien wel de belangrijkste les: ‘Uiteindelijk is sociaal contact dat je elkaar in de ogen kijkt,’ zegt Marijke. ‘De WhatsApp-groep is een middel om daar te komen, niet het eindpunt.’
Foto: Natascha van Zaanen
Tekst: Jennifer Bootsma

